Indonesische kampongs de hoogte in met CNC-gefreesde bekisting

Huizen worden in de meeste wereldsteden eigenhandig door bewoners gebouwd, maar vaak zijn ze behoorlijk krakkemikkig. Nadia Remmerswaal bedacht een 3D gefreesd bekistingsysteem waarmee goedkoop, snel en veilig een hoofddraagconstructie is te realiseren. Ze gaat het testen in een Indonesische kampong.

De onderdelen van haar bekistingssysteem laten zich eenvoudig met een CNC-frees zagen uit lokaal geproduceerde houten panelen. “Die schuif je als een puzzel in elkaar, je tikt er een wig in en je bent klaar om het beton te storten”, legt Nadia Remmerswaal uit. Alle onderdelen zijn zodanig ontworpen dat een handkar of kruiwagen ze op de bouwplaats kan brengen. Met het systeem is tot vier lagen te bouwen. De geometrie van de kist is eenvoudig aanpasbaar, hetgeen grote flexibiliteit geeft in de vormgeving.

Remmerswaal, vorig jaar cum laude afgestudeerd aan de faculteit Bouwkunde Delft, wil met haar CAST Formwork System (eerder: Tra-Digitale Hybride) de mogelijkheden voor zelfbouwers in ontwikkelingslanden vergroten. Na een bezoek aan Bandung (Indonesië) kwam ze tot de overtuiging dat de geplande appartementenbouw van de overheid het aflegt tegen de rommelige wijkjes die buurtbewoners zelf hebben gebouwd. “Het is er gezelliger, mensen zijn er gelukkiger en er zijn dankzij de gevarieerde opzet veel meer mogelijkheden voor winkeltjes en kantoortjes. Architecten denken vaak ze beter weten wat goed is voor bewoners, mijn systeem geeft bewoners de mogelijkheid naar eigen inzichten te bouwen – op een degelijke manier.”

Met subsidies van STW (€50.000,=), ASN Bank (€8.000,=) en 3TU Lighthouse (€50.000,=) werkt ze nu aan optimalisatie van het bekistingsysteem waarop ze afstudeerde. Dat gebeurt inmiddels vanuit haar eigen bedrijf CAST. De kisten hebben wat rondere vormen gekregen – een frees maakt niet zomaar een rechte hoek. En de flenzen liggen wat verder bij het vergrendelingspunt vandaan, om de kist minder kwetsbaar te maken. Betonplex blijkt het ideale constructiemateriaal voor de mallen. De gebruiker kan er volgens een vaste methodiek een stevige 'tafelconstructie' mee bouwen. Eerst de kolommen (30 x 30 centimeter) en dan de liggers (30x30 centimeter). De verdiepingshoogte bedraagt 280 centimeter, maximale overspanning van de liggers is 450 centimeter. De forse dimensies maken de gebouwen niet alleen bestand tegen natuurgeweld. Het is ook mogelijk later nog een verdieping bij te bouwen. Daardoor wordt stedelijke verdichting realiseerbaar in sloppenwijken, die gewoonlijk juist eindeloos uitdijen. Inbouwen van vloeren, wanden, trappen en kozijnen gebeurt met traditionele, lokale methoden.

In theorie is de markt voor het product enorm. Alleen al in Indonesië wordt zo'n tachtig procent van alle huizen door bewoners zelf gebouwd. Toch is vermarkten van het CAST-systeem de grootste uitdaging, verwacht Remmerswaal. “Dit is nieuw, hoger dan twee lagen bouwen is ook nieuw in de kampongs. We moeten de eerste schapen over de dam krijgen die dit systeem willen gebruiken.”

Met lokale partijen en overheden heeft ze een afspraak gemaakt om zes proefwoningen te bouwen in Bandung. Hoe het systeem vervolgens op grote schaal moet doordringen is nog onderwerp van onderzoek. CAST wordt mogelijk geïntroduceerd als verhuursysteem voor de lokale Indonesische bouwmarkt. Verkoop aan lokale kleine aannemers is ook een optie.

Introductie in Nederland als zelfbouwsysteem is volgens Remmerswaal niet haalbaar. “Helaas, het is te ingewikkeld om hiermee door de Nederlandse bouwcodes te komen.” Wel wordt het systeem uitgevoerd in Green Village op het terrein van de TU Delft.

Meer informatie

 

 

 

 

 

 

 

© 2017 TU Delft

Metamenu